Weerbaar geloof kan leven met lastige oorsprongsvragen

Nico Hardebol

Als het over Genesis gaat, lijkt ons Bijbellezen vaak meer een bron van geloofsaanvechting dan van geloofstoerusting te zijn. In ieder geval als je moet afgaan op verhitte discussies over oorsprongsvragen zoals de vraag of er één eerste mensenpaar is geweest.

Natuurlijk lezen velen van ons wel verder dan de eerste hoofdstukken van Genesis. Er is genoeg in de Bijbel dat ons inspireert of bemoedigt. En toch kunnen veel vragen die bemoediging bij het Bijbellezen in de weg staan. Ter gelegenheid van 500 jaar reformatie in 2017 stond de Bijbel weer even centraal als boek voor geloofstoerusting. Dat neemt echter niet weg dat onze moderne vragen het Bijbellezen vaak blijven overschaduwen.

Naast vele andere boeken over lastige vragen,[i] verscheen een paar jaar terug het boek Woord & Wetenschap[ii] van een theoloog, een bioloog en een filosoof, allen met de naam De Vries. Daarnaast verscheen ook het boek Lezen en Laten Lezen[iii] van de theoloog Arnold Huijgen. Ook hier liepen de auteurs niet weg voor de vele lastige vragen die de Bijbel bij ons losmaakt.

Naar aanleiding van deze twee boeken wil ik graag ingaan op onze moderne omgang met moeilijke vragen die vaak opkomen bij ons Bijbellezen. Als geoloog die zich bezighoudt met de geschiedenis van de aarde, ligt het voor de hand om de vinger te leggen op oorsprongsvragen en de eerste hoofdstukken van Genesis. De twee boeken gaven hierover geen pasklare antwoorden, maar maakten mij wel iets anders duidelijk.

Gelovig Bijbellezen

De auteurs van Woord & Wetenschap identificeren verschillende filosofische, natuurwetenschappelijke en historische methodes die invloed hebben op hoe we de Bijbel lezen. Als de uitkomsten hiervan op gespannen voet staan met een traditionele Bijbeluitleg, doen we de Bijbel tekort als deze methodes de uitleg bepalen.

Ook Huijgen geeft in Lezen en Laten Lezen aan dat ons Bijbellezen op scherp wordt gezet door wetenschappelijke vragen zoals hoe Gods scheppingswerk zich verhoudt tot de evolutietheorie. De Bijbelteksten worden dan vooral gelezen om moderne problemen op te lossen.

Volgens Huijgen wordt deze worsteling veroorzaakt door onze moderne manier van Bijbellezen.[iv]

Niet alleen komen eigentijdse vragen bij ons boven tijdens het lezen, maar we lezen de teksten vervolgens om deze vragen op onze rationele manier op te lossen. Dit moderne rationalisme hindert een gelovige omgang met de Schrift. Koning David had hier bijvoorbeeld nog geen last van toen hij in zijn Psalmen over zijn geloofsworsteling schreef. Voor David werd het geloof beproefd door de dreiging van aardse vijanden. Mogelijk is onze dreiging mede dat we de Bijbel vaak lezen voor antwoorden op moderne vragen en de Bijbel ons daardoor niet langer voedt.

 Geloofstoerusting en risicobeheersing

Het beeld van de ‘vlinderdas’ kwam in mij op toen ik beide boeken op mij liet inwerken. Zo’n karakteristieke strik die bij mannenkoren nog wel gedragen wordt. De beide symmetrische lussen worden, opvallend genoeg, ook gebruikt ter illustratie bij risicobeheersing. Gebrek aan een goed symmetrisch gestrikte vlinderdas kan je de das omdoen!

Wanneer we de vlinderdas[v] toepassen op ons geloofsleven, dan zouden we geloofstwijfel kunnen zien als een benauwdheid, een nood. En verlies van geloof zouden we dan kunnen zien als de escalatie van die nood. Escalatie kan bij risicobeheersing worden vermeden door de oorzaken van de twijfel weg te nemen, bijvoorbeeld met antwoorden op moeilijke vragen. Dit vormt de linkerlus van de vlinderdas. Escalatie kan ook worden vermeden door ervoor te zorgen dat geloofstwijfel niet tot geloofsverlies hoeft te leiden, bijvoorbeeld door leren om te gaan met moeilijke vragen. Hoort geloofstwijfel ook niet zo nu en dan bij de dynamiek van een gezond geloofsleven? Moeten moeilijke vragen echt worden weggenomen? De reden waarom ik over geloofstwijfel in termen van risicobeheersing schrijf, is omdat we wellicht te eenzijdig omgaan met de moeilijke vragen.

Bij risicobeheersing is het van belang om beide lussen van de vlinderdas mee te nemen. Zoals al gezegd, gebrek aan een goed symmetrisch gestrikte vlinderdas kan je de das omdoen! Als geoloog grijp ik naar het voorbeeld van aardverschuivingen. De middelen links in de vlinderdas, om te voorkomen dat een stuk berg naar beneden schuift, zijn hier beperkt. Rechts in de vlinderdas probeer je maatregelen te nemen die het aantal slachtoffers minimaliseren als een stuk berg toch naar beneden komt. Veel aandacht gaat daarom uit naar maatregelen die helpen om mensen vroegtijdig te waarschuwen. Dit is om te vermijden dat mensen door een aardverschuiving overvallen worden en bedolven raken. Zou dit inzicht ons ook kunnen helpen bij onze geloofstoerusting middels het lezen van de Bijbel?

Weerbaar geloof

Ik merk dat bij vragen over evolutie en/of de ouderdom van de aarde te veel aandacht uitgaat naar technische argumenten om onze geloofstwijfel weg te nemen. Dat betekent te veel aandacht voor de linkerlus van de vlinderdas en te weinig aandacht voor de rechterlus. Als geloofstwijfel toch blijft knagen doordat vragen blijven bestaan, dan hebben we te weinig achter de hand om te voorkomen dat die geloofstwijfel uitmondt in geloofsverlies. Daarom moet gelovig Bijbellezen ook aandacht hebben voor de omgang met lastige vragen zonder pasklare antwoorden te hebben. Dus: niet alleen aandacht voor het bestrijden van geloofstwijfel is nodig, maar ook aandacht om geloofsverlies te voorkomen als geloofstwijfel aanwezig blijft omdat op vragen geen bevredigende antwoorden worden gevonden.

Een weerbaar geloof zoals je dat terugvindt in de Psalmen is wat we nodig hebben. Huijgen besluit zijn boek met Psalm 24 “Des Heren is de aarde en haar volheid’. In Gezang 479 (Liedboek voor de Kerken) mogen de woorden uit Psalm 24 en 104 resoneren in ons zingen: “Aan U behoort, o Heer der heren, de aarde met haar wel en wee, de steile bergen, koele meren, het vaste land, de onzeekre zee.” Dus ook de steile bergen en kolkende rivieren, met het risico op aardverschuivingen, behoren aan God. Wellicht moeten we daarom, als moderne gelovigen, weer leren te vertrouwen op Gods goedheid en trouw – ook wanneer we worstelen met geloofstwijfel.

[i]  Denk bijvoorbeeld aan: ‘En God zag dat het goed was: Christelijk geloof en evolutie in 25 cruciale vragen’, 2019, William den Boer, René Fransen en Rik Peels (red.); ‘En de aarde bracht voort: Christelijk geloof en evolutie’, 2017, Gijsbert van den Brink.

[ii]   https://www.debanier.nl/woord-en-wetenschap

[iii]   KokBoekencentrum | Lezen en laten lezen

[iv]  Op pag. 111 schrijft Arnold Huijgen hierover: “Aanvechting is niet een klein schokje in je geloofsleven waarna je (‘hè, gelukkig, was dat even schrikken!’) weer verder kunt. Je hele leven staat op zijn grondvesten te trillen. Bestaat God wel? En als Hij bestaat, is Hij wel voor mij, of is Hij tegen mij? Of laat ik Hem koud? Dit soort vragen zijn moderne vragen, maar ze hebben hun achtergrond in de worsteling rond het geloof en ongeloof in het Oude Testament.”

[v]   De vlinderdas is een bekend hulpmiddel om risico’s en oplossingen in beeld te brengen – https://www.arbo-online.nl/veilig-werken/artikel/2019/02/bowtie-geeft-snel-inzicht-in-risicos-en-oplossingen-10118226

About the Author: Nico Hardebol

Nico Hardebol is geoloog en werkt als inspecteur bij het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Zijn expertisegebied is de vervorming van gesteentes in de aarde. Zijn promotieonderzoek ging over de gebergtevorming van de Canadese Rockies. Daarna werkte hij eerst als onderzoeker aan de TU Delft en sindsdien als inspecteur bij het SodM aan de (risico)analyse van scheur- en breukvorming door (mijnbouw)activiteiten in de diepe ondergrond.