Home » Opinie » Openbaring en de wetenschappelijke methode

Openbaring en de wetenschappelijke methode

By | Categorieën: Opinie | Gepubliceerd Op: 12 juni 2013 | 3.1 min read |

Er zijn – grofweg – twee manieren om aan fysische kennis te komen: door waarneming en door redenatie. Deze kennis is wetenschappelijk verifieerbaar. Er bestaat echter een vorm van kennis, die op andere wijze tot ons komt: metafysische kennis. Deze is per definitie niet wetenschappelijk te toetsen. Zegt dit iets over deze vorm van kennis, of over wetenschap?

 

Waarheidsvinding

In christelijk perspectief spreken we van openbaring: door God aan een individu gegeven kennis. Deze openbaring is normaliter eenmalig en niet toetsbaar, en dus wetenschappelijk anathema: als het gaat om de waarheid van een dergelijke openbaring valt daarover geen wetenschappelijke uitspraak te doen. Net als in de begindagen van de moderne wetenschap bepaalt de status van de degene die beweert een openbaring te hebben ontvangen of je hem of haar wel of niet gelooft. Denk daarbij aan reputatie, gedrag, de relatie die je met diegene hebt, &c.

 

Een van de redenen voor het ontstaan van dat wat we nu “de wetenschappelijke methode” noemen, is juist om het subjectieve element uit deze wijze van waarheidsvinding te elimineren. Hoe weet je nu met zekerheid dat wat iemand zegt, ook waar is? Twee belangrijke criteria binnen de wetenschap, die ik hierboven al even aanhaalde, zijn toetsbaarheid en herhaalbaarheid. Onder gegeven omstandigheden moet een goed getraind collega-wetenschapper bij het opnieuw uitvoeren van een experiment dezelfde uitkomst krijgen.

 

Dat dit zo eenvoudig nog niet is, weet iedere wetenschapper. Toen Isaac Newton in 1672 zijn New Theory of Light and Colors via de Royal Society wereldkundig maakte, liet hij deze vergezeld gaan van nauwkeurig beschreven experimenten. Vooral het zogenaamde experimentum crucis moest aan een ieder duidelijk maken dat Newtons theorie klopte. Niet iedereen werkte echter zo nauwkeurig als Newton, en van verschillende kanten kwam er kritiek: zijn uitkomsten waren niet reproduceerbaar, en zelfs al waren ze dit, dan nog kwamen collega’s niet tot dezelfde conclusie.

 

Interpretatie

Met dat laatste komt een derde aspect om de hoek kijken: hoe interpreteer je de uitkomsten van een onderzoek? Die interpretatie is gekoppeld aan het theoretisch raamwerk waarbinnen een wetenschapper opereert en diens verwachtingen. De wetenschappelijke methode is in die zin niet waterdicht: er blijft een subjectief element bestaan waarvan de omvang onbekend is. Daarbij komt nog het sociaal-economische element: een wetenschapper opereert in de context van een dominant paradigma, academische carrière, publicatiedruk, financiering en zo meer. Waarheidsvinding binnen de wetenschap is niet onomstreden

 

Om nu de wetenschappelijke methode binnen de metafysica te kunnen toepassen, definieert menig filosoof metafysica in fysische terminologie zodat deze binnen de kaders van toetsbaarheid en herhaalbaarheid wordt gebracht. Los van het feit dat deze wijze van definitie mijns inziens op een cirkelredenering berust, blijft de vraag naar de validiteit van de methode an sich bestaan.

 

Meten is weten?

In deze tijd luidt het devies als nooit tevoren: meten is weten. Naast dat ik niet geloof dat we door meer te meten ook meer zijn gaan weten – ik durf te stellen dat de mens dommer is geworden – is eenvoudigweg niet alles meetbaar. De wetenschappelijke methode heeft haar grenzen, en heeft binnen die grenzen al moeite genoeg om tot waarheidsvinding te leiden.

 

Daarom pleit ik voor een herstel van de vertrouwensrelatie die de wetenschap van de 17e eeuw kenmerkte. Geef wetenschappers credit voor hun werk, gebaseerd op het feit dat ze wetenschapper zijn. Geef christenen credit voor het krijgen van openbaringen, gebaseerd op het feit dat ze christen zijn. Dat gaat in tegen de gangbare tendens waarin vertrouwen en relatie worden ingewisseld voor controle en afstand, een tendens die ik met lede ogen aanzie. Er zullen altijd rotte Stapels – herstel: appels – blijven, en christelijke charlatans die, gevoelig voor eer en aanzien of uit op macht en geld, zullen beweren openbaringen te hebben ontvangen. Zo is de mens.

Over de Auteurs: Kees-Jan Schilt

Home » Opinie » Openbaring en de wetenschappelijke methode

Openbaring en de wetenschappelijke methode

By | Categorieën: Opinie | Gepubliceerd Op: 12 juni 2013 | 3.1 min read |

Er zijn – grofweg – twee manieren om aan fysische kennis te komen: door waarneming en door redenatie. Deze kennis is wetenschappelijk verifieerbaar. Er bestaat echter een vorm van kennis, die op andere wijze tot ons komt: metafysische kennis. Deze is per definitie niet wetenschappelijk te toetsen. Zegt dit iets over deze vorm van kennis, of over wetenschap?

 

Waarheidsvinding

In christelijk perspectief spreken we van openbaring: door God aan een individu gegeven kennis. Deze openbaring is normaliter eenmalig en niet toetsbaar, en dus wetenschappelijk anathema: als het gaat om de waarheid van een dergelijke openbaring valt daarover geen wetenschappelijke uitspraak te doen. Net als in de begindagen van de moderne wetenschap bepaalt de status van de degene die beweert een openbaring te hebben ontvangen of je hem of haar wel of niet gelooft. Denk daarbij aan reputatie, gedrag, de relatie die je met diegene hebt, &c.

 

Een van de redenen voor het ontstaan van dat wat we nu “de wetenschappelijke methode” noemen, is juist om het subjectieve element uit deze wijze van waarheidsvinding te elimineren. Hoe weet je nu met zekerheid dat wat iemand zegt, ook waar is? Twee belangrijke criteria binnen de wetenschap, die ik hierboven al even aanhaalde, zijn toetsbaarheid en herhaalbaarheid. Onder gegeven omstandigheden moet een goed getraind collega-wetenschapper bij het opnieuw uitvoeren van een experiment dezelfde uitkomst krijgen.

 

Dat dit zo eenvoudig nog niet is, weet iedere wetenschapper. Toen Isaac Newton in 1672 zijn New Theory of Light and Colors via de Royal Society wereldkundig maakte, liet hij deze vergezeld gaan van nauwkeurig beschreven experimenten. Vooral het zogenaamde experimentum crucis moest aan een ieder duidelijk maken dat Newtons theorie klopte. Niet iedereen werkte echter zo nauwkeurig als Newton, en van verschillende kanten kwam er kritiek: zijn uitkomsten waren niet reproduceerbaar, en zelfs al waren ze dit, dan nog kwamen collega’s niet tot dezelfde conclusie.

 

Interpretatie

Met dat laatste komt een derde aspect om de hoek kijken: hoe interpreteer je de uitkomsten van een onderzoek? Die interpretatie is gekoppeld aan het theoretisch raamwerk waarbinnen een wetenschapper opereert en diens verwachtingen. De wetenschappelijke methode is in die zin niet waterdicht: er blijft een subjectief element bestaan waarvan de omvang onbekend is. Daarbij komt nog het sociaal-economische element: een wetenschapper opereert in de context van een dominant paradigma, academische carrière, publicatiedruk, financiering en zo meer. Waarheidsvinding binnen de wetenschap is niet onomstreden

 

Om nu de wetenschappelijke methode binnen de metafysica te kunnen toepassen, definieert menig filosoof metafysica in fysische terminologie zodat deze binnen de kaders van toetsbaarheid en herhaalbaarheid wordt gebracht. Los van het feit dat deze wijze van definitie mijns inziens op een cirkelredenering berust, blijft de vraag naar de validiteit van de methode an sich bestaan.

 

Meten is weten?

In deze tijd luidt het devies als nooit tevoren: meten is weten. Naast dat ik niet geloof dat we door meer te meten ook meer zijn gaan weten – ik durf te stellen dat de mens dommer is geworden – is eenvoudigweg niet alles meetbaar. De wetenschappelijke methode heeft haar grenzen, en heeft binnen die grenzen al moeite genoeg om tot waarheidsvinding te leiden.

 

Daarom pleit ik voor een herstel van de vertrouwensrelatie die de wetenschap van de 17e eeuw kenmerkte. Geef wetenschappers credit voor hun werk, gebaseerd op het feit dat ze wetenschapper zijn. Geef christenen credit voor het krijgen van openbaringen, gebaseerd op het feit dat ze christen zijn. Dat gaat in tegen de gangbare tendens waarin vertrouwen en relatie worden ingewisseld voor controle en afstand, een tendens die ik met lede ogen aanzie. Er zullen altijd rotte Stapels – herstel: appels – blijven, en christelijke charlatans die, gevoelig voor eer en aanzien of uit op macht en geld, zullen beweren openbaringen te hebben ontvangen. Zo is de mens.

Over de Auteurs: Kees-Jan Schilt