18 april 2012 / 

Mooier kunnen we het niet maken, wel inzichtelijker

Cors Visser

Dr.ir. Cors Visser is godsdienstsocioloog en directeur van Kerkpunt. Van 2009 tot 2020 was hij directeur van ForumC. ,

Opmerkelijk dat een bericht met vrij weinig nieuwswaarde op veel plekken werd opgepikt: het geloof in God neemt af. Die boodschap is al zo vaak verkondigd dat je er bijna immuun voor wordt. Overigens wat hoopvol is, is dat er in de berichtgeving sprake was van enige nuance. De schreeuwende koppen dat geloof helemaal verdwijnt, lijken op hun retour. Het gaat om gemiddeld een lichte afname en er zijn ook landen waar het Godsgeloof toeneemt, gelukkig.

 

Hoewel het rapport weinig verrassends bevat, levert zo’n onderzoek altijd weer voer voor reflectie. Allereerst was er de suggestie van een van de onderzoekers dat mensen naarmate ze ouder worden meer in God gaan geloven. Dat zou volgens hem mogelijk te maken kunnen hebben met het naderende levenseinde. Deze suggestie werd gretig overgenomen door verschillende media. Wie het onderzoeksrapport (word-bestand) leest, ziet dat deze suggestie op twee punten aanvechtbaar is. Allereerst empirisch, het is nog helemaal niet zeker dat er een verband bestaat tussen leeftijd en godsgeloof. Zo is het ook mogelijk – de onderzoekers noemen het zelf en persoonlijk lijkt me het meer waarschijnlijk – dat het ongeloof gewoon meeschuift met de leeftijd. Anderzijds een correlatie met het naderende levenseinde lijkt wellicht logisch, maar is geen enkele grond voor. Het zou bijvoorbeeld net zo goed kunnen zijn dat als leeftijd een rol speelt, het te maken heeft met ziekte, dat het krijgen van kleinkinderen mensen geloviger doet worden of dat het hebben van meer tijd leidt tot meer geloof.

Winst-verliesbalans

Een heel aardig gegeven is de winst-verliesbalans. In het rapport is gekeken wat het resultaat is van mensen die zeggen “ik geloof nu in God, maar vroeger niet” minus “ik geloof nu niet in God, maar vroeger wel”. Eigenlijk, wie is de winnaar van de zieltjeswinwedstrijd tussen gelovigen en ongelovigen. Nederland scoort daar van alle dertig landen het laagst – 14,0%, Nederland blijkt een vruchtbaar terrein voor de missionarissen van de godloosheid. Of in Nederland komen relatief weinig mensen tot geloof. En vermoedelijk zal het een combinatie van beide zijn. In ieder geval nieuwe brandstof voor alle missionaire initiatieven en bezinning in Nederland.

Verder valt op dat Nederlanders relatief uitgesproken ongelovig zijn: 9,7% van de Nederlanders zegt niet in God te geloven. Daarmee staan we op de vierde plek van de ongelovigen lijst (ver achter het voormalig Oost-Duitsland  (52%) en Tsjechië (40%)). Wat betreft het geloof in God staat Nederland op plek 22 met 21,2% die zegt in God te geloven en daar niet aan te twijfelen.

Opvallend is verder dat het percentage Nederlanders dat zegt in een god te geloven in de periode 1998-2008 met 5% is gedaald, die daling is sterker dan in de grotere periode 1991-2008. Allerlei geluiden dat religie niet weggaat, kan dan wel waar zijn, maar het godsgeloof verminder wel en zelfs de laatste jaren sneller.

Genuanceerd

Zijn er – behalve de landen waar wel steeds meer mensen in God geloven – dan geen lichtpuntjes voor Nederland? Om niet in mineur af te sluiten, een heel klein lichtpuntje: het aandeel mensen dat gelooft dat God persoonlijk bemoeienis heeft met mensen is minder gedaald (4,4%) dan godsgeloof (5,0%). Dat betekent vermoedelijk dat er relatief iets meer ‘vage gelovigen’ afhaken, dan de orthodoxere variant.

Al met al een interessant rapport dat zijn toegevoegde waarde vooral heeft in een beperkt aantal vragen en de vergelijking in de tijd tussen verschillende landen. De cijfers laten een genuanceerd beeld zien, maar niet een beeld dat een gelovige vrolijk stemt.

Lees het onderzoeksrapport Beliefs about God across Time and Countries (word-bestand) van Tom W. Smith – NORC -University of Chicago

Nu jij!

Wat denk jij? Ben jij het hiermee eens? Of juist totaal niet? Reageer hieronder!