Gaten vullen met René van Woudenberg

René van Woudenberg reageerde op mijn stuk in NRC over het conflict tussen religie en wetenschap. Daarbij trapt hij helaas een aantal open deuren in. En gaat hij voorbij aan mijn voornaamste kritiek op zijn essay.

Wetenschap en het bestaan van God

Op 19 oktober reageerde Maarten Boudry in het NRC op mijn essay over de vraag of er in de wetenschap plaats is voor religie. In dat essay had ik betoogd dat de wetenschap op diverse manieren ruimte laat voor religie en mogelijk zelfs evidence kan aandragen voor het bestaan van God. Drie dingen vielen me op in zijn betoog.

De academicus als homo non ludens

In de NRC van afgelopen zaterdag stond een essay van Renë van Woudenberg, met als portee dat de wetenschappelijke bewijsgrond ruimte laat om ook op zoek te gaan naar een wetenschappelijk bewijs voor Gods bestaan. Een oud argument, dat de plank mis slaat. Een argument bovendien waar juist theologen zich verre van zouden moeten houden, al heeft ook de wetenschap boter op haar hoofd. Hier mijn weerwoord.

 

Er valt veel te zeggen over recente verklaringen van religie en wat ze impliceren voor de redelijkheid van religieus geloof. Het is onmogelijk om alles te behandelen in één stuk. Bart Klinks recente stuk wijst op enkele vragen die ik niet behandelde in eerdere stukken over dit onderwerp. Ik ga hier kort op zijn claims in en betoog dat ze niet overtuigend zijn.

In juni schreef Hans van Eyghen voor Geloof & Wetenschap een opiniestuk waarin hij betoogt dat de geloofwaardigheid van religieuze overtuigingen niet in het geding komt door de naturalistische verklaringen van religie die gegeven worden door het opkomende wetenschapsveld 'cognitive science of religion' (CSR). Daarop schreef ik ook een opiniestuk waarin ik het tegenovergestelde betoog: naturalistische CSR-verklaringen van religie werken debunkend (ondermijnend) voor de geloofwaardigheid van religieuze overtuigingen.

 

Uitgebreid zoeken

Categorie
Tag
Auteur
Tekst