Home » Dossier » Geschiedenis » Historisch bewijs voor Exodus, met bijwerking

Historisch bewijs voor Exodus, met bijwerking

By |Categorieën: Geschiedenis, Nieuws|Gepubliceerd Op: 13 april 2015|1.9 min read|
Nieuws

De tekst van het Bijbelboek Exodus bevat passages die geleend lijken te zijn uit de Egyptische literatuur. Dat geeft de tekst historische kracht, maar suggereert ook dat het geen letterlijke geschiedschrijving is.

 

Op zijn blog beschrijft de Amerikaanse Bijbelwetenschapper Peter Enns een artikel uit het Wall Street Journal. Daarin stelt Joshua Berman dat de beschrijving van de ondergang van het leger van Farao sterk lijkt op een stuk Egyptische ‘propaganda’. In een tekst uit de regeerperiode van Ramses II, die begin twintigste eeuw is gevonden, wordt beschreven hoe hij de Hettieten versloeg tijdens de slag van Kadesh.

 

In eerste instantie raakten de Egyptische linies in paniek. Ramses bidt om goddelijk ingrijpen, waarna de slag toch gewonnen wordt. Na de slag inspecteren de Egyptenaren de dode lichamen van hun vijanden en zingen een loflied voor hun goden.

 

Historische kern

Berman wijst op de overeenkomsten met Exodus hoofdstuk 14 en 15, waar de Egyptenaren de ontsnapte Israelieten inhalen. Die zijn doodsbang, Mozes roept God aan en uiteindelijk verdrinkt het Egyptische leger in de Schelfzee. Daarna volgt een loflied van Mozes.

 

Enns stelt dat het gebruik van Egyptische teksten voor het beschrijven van de uittocht wijst op een historische kern in het verhaal. Maar het wijst er ook op dat de beschrijving in een bekend format is gegoten en dus niet een historisch-letterlijk verslag is.

 

Los daarvan, aldus Enns is het interessant te zien dat er meer parallellen zijn tussen oude teksten en het Oude Testament. Zo beschrijft de stele van Mesha hoe de koning van Moab het koninkrijk Israel heeft verslagen en volledig vernietigde. Dit is duidelijk een overdreven, propagandistische tekst, aangezien Israel bleef voorbestaan.

 

Bloederig

Iets vergelijkbaars ziet Enns in de Oudtestamentische beschrijving van de uitroeiing van alle volkeren in Kanaän. Daarin worden vergelijkbare termen gebruikt als op de stele, wat suggereert dat ook hier een bekende ‘vorm’ is overgenomen en de werkelijkheid wellicht minder bloederig is geweest.

 

Op deze manier krijgt het Oude Testament meer historisch gewicht (hoewel Enns ook zegt dat onduidelijk blijft hoeveel historisch gewicht dat precies is), maar wordt ook duidelijk dat de tekst niet per se letterlijk genomen moet worden. Een ‘bijwerking’ die vooral lastig is voor christenen die groot belang stellen in de historiciteit van boeken als Genesis en Exodus.

Home » Dossier » Geschiedenis » Historisch bewijs voor Exodus, met bijwerking

Historisch bewijs voor Exodus, met bijwerking

By Gepubliceerd Op: 13 april 20151.9 min read
Nieuws

De tekst van het Bijbelboek Exodus bevat passages die geleend lijken te zijn uit de Egyptische literatuur. Dat geeft de tekst historische kracht, maar suggereert ook dat het geen letterlijke geschiedschrijving is.

 

Op zijn blog beschrijft de Amerikaanse Bijbelwetenschapper Peter Enns een artikel uit het Wall Street Journal. Daarin stelt Joshua Berman dat de beschrijving van de ondergang van het leger van Farao sterk lijkt op een stuk Egyptische ‘propaganda’. In een tekst uit de regeerperiode van Ramses II, die begin twintigste eeuw is gevonden, wordt beschreven hoe hij de Hettieten versloeg tijdens de slag van Kadesh.

 

In eerste instantie raakten de Egyptische linies in paniek. Ramses bidt om goddelijk ingrijpen, waarna de slag toch gewonnen wordt. Na de slag inspecteren de Egyptenaren de dode lichamen van hun vijanden en zingen een loflied voor hun goden.

 

Historische kern

Berman wijst op de overeenkomsten met Exodus hoofdstuk 14 en 15, waar de Egyptenaren de ontsnapte Israelieten inhalen. Die zijn doodsbang, Mozes roept God aan en uiteindelijk verdrinkt het Egyptische leger in de Schelfzee. Daarna volgt een loflied van Mozes.

 

Enns stelt dat het gebruik van Egyptische teksten voor het beschrijven van de uittocht wijst op een historische kern in het verhaal. Maar het wijst er ook op dat de beschrijving in een bekend format is gegoten en dus niet een historisch-letterlijk verslag is.

 

Los daarvan, aldus Enns is het interessant te zien dat er meer parallellen zijn tussen oude teksten en het Oude Testament. Zo beschrijft de stele van Mesha hoe de koning van Moab het koninkrijk Israel heeft verslagen en volledig vernietigde. Dit is duidelijk een overdreven, propagandistische tekst, aangezien Israel bleef voorbestaan.

 

Bloederig

Iets vergelijkbaars ziet Enns in de Oudtestamentische beschrijving van de uitroeiing van alle volkeren in Kanaän. Daarin worden vergelijkbare termen gebruikt als op de stele, wat suggereert dat ook hier een bekende ‘vorm’ is overgenomen en de werkelijkheid wellicht minder bloederig is geweest.

 

Op deze manier krijgt het Oude Testament meer historisch gewicht (hoewel Enns ook zegt dat onduidelijk blijft hoeveel historisch gewicht dat precies is), maar wordt ook duidelijk dat de tekst niet per se letterlijk genomen moet worden. Een ‘bijwerking’ die vooral lastig is voor christenen die groot belang stellen in de historiciteit van boeken als Genesis en Exodus.