Home » Nieuws » Debat ‘God Bewijzen’ aan de VU

Debat ‘God Bewijzen’ aan de VU

By |Categorieën: Nieuws|Gepubliceerd Op: 17 januari 2014|3.6 min read|
Nieuws

klokuur

In het auditorium van de Vrije Universiteit werd donderdag 16 januari gedebatteerd over het boek ‘God Bewijzen’ van Rik Peels en Stefan Paas. Floris van den Berg (vrijdenker en atheïst; auteur van ‘hoe komen we van religie af’) en Taede Smedes (theoloog & filosoof; auteur van ‘God en de menselijke maat’) waren uitgenodigd om de twee auteurs, indien nodig, tegen te spreken. Veel meer dan één klokuur was sprekers en publiek echter niet gegund om van gedachten te wisselen over de vraag of God ‘aanwijsbaar’ is en of geloof in God ‘redelijk’ is.

vrijdenker

Nadat Peels en Paas het publiek kort en bondig hadden bijgepraat over de inhoud van hun boek, nam Floris van den Berg de gelegenheid te baat om te zeggen waar het wat hem betreft op stond: religie is een groot kwaad en bovendien is het geloof in God niet wetenschappelijk (‘want anders hadden we het wel ‘gewoon’ een plaats gegeven in onze normale gedachten en opvattingen’); filosofen die in God geloven zijn eigenlijk geen ‘echte’ filosofen; theologie en godsdienstwijsbegeerte horen feitelijk niet thuis aan de academie (ze horen, wat vrijdenker van den Berg betreft, nergens thuis); en een Universiteit als de VU zou moeten worden opgedoekt.

Deze uitspraken maakten op het publiek een groteske indruk. Bovendien was de voordracht van dr. van den Berg enigszins gehaast, zodat het lastig was om de samenhang in zijn gedachten te ontdekken en zijn voordracht uit niets leek te bestaan dan een aantal stevige opinies die stuk voor stuk bedoeld waren om de aanwezigen op de kast te jagen. Zijn woorden wekten uiteindelijk slechts de lachlust op van de toehoorders. Het is echter de vraag of van den Berg onder de indruk was van de spot die hem vanwege zijn uitdagende uitspraken ten deel viel.

Van den Berg is geen doorsnee atheïst, maar een vrijdenker; vrijdenkers zijn tamelijk militant en hebben het bestrijden van religie met alle middelen hoog in hun vaandel staan. Dat wil zeggen dat de vrijdenker, wanneer hij debatteert met een gelovige, zich zonder enige terughoudendheid zal bedienen van spot, hoon, argument en rechtstreekse belediging. De vrijdenker weigert elke handreiking aan de gelovige.

Alhoewel Floris van den Berg op de mensen overkwam als een persoon die zijn jeugd niet is ontgroeid, was zijn manier van doen goed doordacht en allesbehalve onschuldig. Het was de oorlogsverklaring van de vrijdenker aan de gelovige. Hij slaagde er dan ook gemakkelijk in om het debat te ontregelen. Hij ging, vanzelfsprekend, niet mee in de gedachtegang van Peels en Paas, die probeerden om de vele terloopse opmerkingen, zo goed en zo kwaad als mogelijk, inhoudelijk te weerspreken. Het laat zich raden dat hun pogingen geen zoden aan de dijk zetten. Ik vrees dan ook dat ze vermoedelijk niet hebben begrepen waar van den Berg mee bezig was.

oppervlakkig

Inhoudelijk kwam het debat niet goed uit de verf. Er was te weinig tijd om de vraagstukken grondig te bespreken, en bovendien deden de vragen uit het publiek en de opmerkingen van Van den Berg het gesprek regelmatig wegdrijven van het eigenlijke onderwerp. Zo zou het interessant geweest zijn om (veel) dieper in te gaan op de woorden van Taede Smedes, die probeerde uit te leggen wat een wetenschappelijk onderzoeker precies bedoelt met de uitspraak: het geloof in God is aangeboren. Het is, volgens Smedes, niet echt waar dat mensen worden geboren met een kant en klaar beeld van God; dat mensen geneigd zijn om in God te geloven, wordt ‘veroorzaakt’ door onze aanleg om te denken dat de dingen op aarde, grofweg, voor ons gemaakt zijn (wij denken ‘doelgericht’).

Peels en Paas, veelvuldig besproken in de media, zijn de boer opgegaan met de slogan ‘geloven is gezond’. Het zou daarom ook interessant geweest zijn als een deskundige over déze stelling zijn licht had willen laten schijnen (en dan in een voordracht van een minuut of tien, zodat er ook echt iets gezegd kan worden).

slotsom

Jammer genoeg was dit het debat van Floris van den Berg, die de gelegenheid kreeg om zijn opvatting in praktijk te brengen. Zijn optreden zal zeker de goedkeuring van zijn achterban hebben kunnen wegdragen. Het debat was, vooral door zijn toedoen, amusant, lichtvoetig, maar ook oppervlakkig en vrijblijvend.

Home » Nieuws » Debat ‘God Bewijzen’ aan de VU

Debat ‘God Bewijzen’ aan de VU

By Gepubliceerd Op: 17 januari 20143.6 min read
Nieuws

klokuur

In het auditorium van de Vrije Universiteit werd donderdag 16 januari gedebatteerd over het boek ‘God Bewijzen’ van Rik Peels en Stefan Paas. Floris van den Berg (vrijdenker en atheïst; auteur van ‘hoe komen we van religie af’) en Taede Smedes (theoloog & filosoof; auteur van ‘God en de menselijke maat’) waren uitgenodigd om de twee auteurs, indien nodig, tegen te spreken. Veel meer dan één klokuur was sprekers en publiek echter niet gegund om van gedachten te wisselen over de vraag of God ‘aanwijsbaar’ is en of geloof in God ‘redelijk’ is.

vrijdenker

Nadat Peels en Paas het publiek kort en bondig hadden bijgepraat over de inhoud van hun boek, nam Floris van den Berg de gelegenheid te baat om te zeggen waar het wat hem betreft op stond: religie is een groot kwaad en bovendien is het geloof in God niet wetenschappelijk (‘want anders hadden we het wel ‘gewoon’ een plaats gegeven in onze normale gedachten en opvattingen’); filosofen die in God geloven zijn eigenlijk geen ‘echte’ filosofen; theologie en godsdienstwijsbegeerte horen feitelijk niet thuis aan de academie (ze horen, wat vrijdenker van den Berg betreft, nergens thuis); en een Universiteit als de VU zou moeten worden opgedoekt.

Deze uitspraken maakten op het publiek een groteske indruk. Bovendien was de voordracht van dr. van den Berg enigszins gehaast, zodat het lastig was om de samenhang in zijn gedachten te ontdekken en zijn voordracht uit niets leek te bestaan dan een aantal stevige opinies die stuk voor stuk bedoeld waren om de aanwezigen op de kast te jagen. Zijn woorden wekten uiteindelijk slechts de lachlust op van de toehoorders. Het is echter de vraag of van den Berg onder de indruk was van de spot die hem vanwege zijn uitdagende uitspraken ten deel viel.

Van den Berg is geen doorsnee atheïst, maar een vrijdenker; vrijdenkers zijn tamelijk militant en hebben het bestrijden van religie met alle middelen hoog in hun vaandel staan. Dat wil zeggen dat de vrijdenker, wanneer hij debatteert met een gelovige, zich zonder enige terughoudendheid zal bedienen van spot, hoon, argument en rechtstreekse belediging. De vrijdenker weigert elke handreiking aan de gelovige.

Alhoewel Floris van den Berg op de mensen overkwam als een persoon die zijn jeugd niet is ontgroeid, was zijn manier van doen goed doordacht en allesbehalve onschuldig. Het was de oorlogsverklaring van de vrijdenker aan de gelovige. Hij slaagde er dan ook gemakkelijk in om het debat te ontregelen. Hij ging, vanzelfsprekend, niet mee in de gedachtegang van Peels en Paas, die probeerden om de vele terloopse opmerkingen, zo goed en zo kwaad als mogelijk, inhoudelijk te weerspreken. Het laat zich raden dat hun pogingen geen zoden aan de dijk zetten. Ik vrees dan ook dat ze vermoedelijk niet hebben begrepen waar van den Berg mee bezig was.

oppervlakkig

Inhoudelijk kwam het debat niet goed uit de verf. Er was te weinig tijd om de vraagstukken grondig te bespreken, en bovendien deden de vragen uit het publiek en de opmerkingen van Van den Berg het gesprek regelmatig wegdrijven van het eigenlijke onderwerp. Zo zou het interessant geweest zijn om (veel) dieper in te gaan op de woorden van Taede Smedes, die probeerde uit te leggen wat een wetenschappelijk onderzoeker precies bedoelt met de uitspraak: het geloof in God is aangeboren. Het is, volgens Smedes, niet echt waar dat mensen worden geboren met een kant en klaar beeld van God; dat mensen geneigd zijn om in God te geloven, wordt ‘veroorzaakt’ door onze aanleg om te denken dat de dingen op aarde, grofweg, voor ons gemaakt zijn (wij denken ‘doelgericht’).

Peels en Paas, veelvuldig besproken in de media, zijn de boer opgegaan met de slogan ‘geloven is gezond’. Het zou daarom ook interessant geweest zijn als een deskundige over déze stelling zijn licht had willen laten schijnen (en dan in een voordracht van een minuut of tien, zodat er ook echt iets gezegd kan worden).

slotsom

Jammer genoeg was dit het debat van Floris van den Berg, die de gelegenheid kreeg om zijn opvatting in praktijk te brengen. Zijn optreden zal zeker de goedkeuring van zijn achterban hebben kunnen wegdragen. Het debat was, vooral door zijn toedoen, amusant, lichtvoetig, maar ook oppervlakkig en vrijblijvend.